Ervaringen

“Ik heb ontdekt dat ik hier energie van krijg.”

Don Burgemeestre, 73 jaar, neemt als bas deel aan Zingen voor je Leven in Amsterdam, Utrecht en ’t Gooi.

“Als iemand een paar keer niet komt opdagen bij een repetitie, zeggen we tegen elkaar: Hé, waar is-ie? Van de meeste koorleden weet je wel hoe ze ervoor staan, qua ziekte. Je spreekt elkaar in de pauze of na afloop. Maar sommigen blijven liever onder de radar. Praten er niet over. En dat is natuurlijk ook goed. Maar we letten altijd op elkaar en als iemand wegblijft, wordt er contact gezocht om te kijken of we iets kunnen doen.
Ik zing al in koren sinds 1983. Zingen voor je Leven is anders dan een gewoon koor. Ik heb ontdekt dat ik hier energie van krijg. Als schaarse bas moet ik vaak echt flink aan de bak bij een repetitie en dat is behoorlijk vermoeiend. Toch ga ik altijd gesterkt naar huis. Dat komt door het gevoel van grote vertrouwdheid. Je wordt wel eens geraakt door een lied of een strofe. Als iemand moet huilen, kijkt niemand raar op. Iedereen snapt dat. Onze dirigent, Anne-Marie Blink, maakt daarvoor ruimte.
Gezien het feit dat ‘mooi’ niet het doel is en iedereen die wil kan meedoen aan Zingen voor je Leven, vind ik het niveau verrassend. Dat komt omdat het koren zijn met lef. In een koor gaan mensen doorgaans graag op in het grote geheel. Maar bij ons zingen mensen met passie. Ze durven echt iets van zichzelf te laten zien.”

“Zonder oordeel schrijven.”

Pieta Besseling, 58 jaar, doet mee aan Schrijven voor je Leven.

“Ik schrijf mijn hele leven al: brieven, dagboeken, noem maar op. Maar bij Schrijven voor je Leven heb ik een andere manier van schrijven ontdekt. Het gaat daar niet om het bijhouden van gebeurtenissen en ervaringen voor jezelf, maar om in contact komen met wat er in je leeft door middel van speciale schrijfoefeningen. Want al ben je eerlijk in een dagboek, je kunt ook dan nog steeds dingen uit de weg gaan.
Voorafgaand aan een landelijke schrijfdag kregen we vijf weken lang oefeningen op via internet. Toen we die op de dag zelf bespraken, bleek ik er eentje vergeten te hebben. Die oefening begint met ‘Ik ben trots op mezelf omdat…’. Tja, dat zei natuurlijk wel iets over mij, dat ik die uitgerekend vergeten was. Mag ik je uitnodigen om die oefening nu te doen, vroeg de schrijfcoach. Ik begon er aan en zat binnen twee minuten al te huilen. Ik heb nu eenmaal niet geleerd om trots op mezelf te zijn.
De essentie is dat je zo snel schrijft dat de innerlijke criticus die altijd van binnen meepraat, er niet tussen kan komen. En daardoor kan dat wat in jou zo graag gehoord wil worden eruit en erkenning krijgen. Je bent niet alleen iemand met kanker. Je kunt ook andere dingen in je leven hebben meegemaakt die niet zo makkelijk zijn. Als die samen komen met een ziekte die je leven op zijn kop zet, is de belasting wel eens zwaar. Dat je dat kunt verlichten door zonder oordeel te schrijven over wat er diep vanbinnen zit, is echt fijn.”

“Er komt een beeld dat in mij leeft tevoorschijn terwijl ik bezig ben.”

Marieke School, 59 jaar, kunstenaar, eerst deelnemer en vervolgens begeleider van Beelden voor je Leven.

“Alles is veranderd sinds ik kanker heb gehad. Het is moeilijk om het oude op te pakken. Dat geldt ook voor mijn werk als kunstenaar. Het komt door de lichamelijke beperkingen die ik eraan over heb gehouden en door de vermoeidheid. Ik kan niet goed meer op woorden komen, mijn concentratie is weg en mijn creativiteit in feite ook.
Als ik vroeger voor een leeg doek stond, wist ik waar ik naartoe wilde werken. Met spontane bewegingen zette ik grote streken neer. Nu voel ik me meer geblokkeerd, ik ben een soort vrijheid kwijtgeraakt. Eigenlijk kan ik alleen nog smeren met verf. Tekenen doe ik niet meer, te verfijnd om mijn concentratie op te richten.
Dat ik door ben gegaan met schilderen is omdat ik door de begeleiding die ik hierbij kreeg ontdekte dat het me ook ontspant. En ik ben ergens ook wel trots op de nieuwe manier van schilderen die ik na zoveel jaar heb ontdekt. Ik smeer noodgedwongen nog steeds maar heb geleerd om de chaos minder te laten zijn en nu komt er een beeld dat in mij leeft tevoorschijn terwijl ik bezig ben. Ik ben niet bezig met het resultaat. Kleur is heel belangrijk geworden en ik laat het meer gebeuren. Dat geldt trouwens ook voor de rest van mijn leven.
Inmiddels ben ik zelf begeleider en stimuleer ik anderen in mijn atelier om uiting te geven aan hun creativiteit. Het gaat niet om het resultaat leg ik uit, want dat heb ik zelf aan den lijve ondervonden.”

“Verwerken, samen zijn met mensen die je met een half woord begrijpen.”

Bort Harmen en Francis Koelewijn, 60 en 56 jaar, nemen samen deel aan Zingen en Spelen voor je Leven.

Bort Harmen: “Francis werd ziek in 1984. We waren net een jaar getrouwd. De medische wereld schoot nog met een kanon op een mug. Als je het overleefde was dat mooi. Het gat waar je in terecht kwam. Hoe je je voelde. De afwegingen die je moest maken. Met die dingen was niemand bezig. Onze boerderij werd onze hersteltherapie. In de stal kun je afhaken als je je niet goed voelt. Koeien hebben geduld, die stellen geen vragen.”
“Later kwam er aandacht in de maatschappij voor zorg en ondersteuning. Verwerken, samen zijn met mensen die je met een half woord begrijpen. Francis ging zingen en zei: Dit is zo leuk. Doe ook mee. Twee jaar geleden zijn we ook gaan toneelspelen. Als je toneelspeelt in een kleine groep die helemaal vertrouwd voelt, komen er dingen naar boven waarvan je niet wist dat je ze in huis had. Die ontdek je als je een rol speelt die je opeens goed aankunt.”
Francis: “We hadden een keer als opdracht een echtpaar op een kasteel te spelen dat geen geld meer had. Ze kregen gasten en wilden niet laten merken hoe de zaken ervoor stonden. Bort wist precies wat hij als gastheer wilde vertellen en wat hij wegliet. Opeens zag ik hoe hij dat al die jaren had gedaan als wij vragen kregen over mijn gezondheid.”
Bort Harmen: “Tja. Wat ik wel weet is dat we vreemde beleefdheidsvormen hebben in Nederland. Mensen stellen vragen waarop ze het antwoord helemaal niet willen horen.”